Er bestaat geen weegschaal voor verdriet

Vivian Heijckers voor Nieskens Uitvaartzorg

Er is bestaat geen weegschaal voor verdriet. En ook geen meetlint. Elke pijn is verschillend en iedere omstandigheid is anders. Toch lijkt het soms alsof er een soort strijd ontstaat om aan te geven dat het ene verlies zwaarder is dan het andere. In kracht of in duur. Wie zijn wij om voor een ander te bepalen dat zijn of haar verdriet minder zwaar is of zal zijn na verloop van tijd? Ik heb in mijn vak helaas vaak tenenkrommende uitspraken gehoord. Van ‘Je bent nog jong, er ligt nog een toekomst voor je open en je hebt tenminste nog een kind van hem’ tot ‘Je man was ziek, jullie hebben in ieder geval nog afscheid kunnen nemen’.

 

Ongeschreven regels

Er blijken ongeschreven regels in onze maatschappij over hoelang en in welke mate je mag rouwen. Misschien wel één van de grootste dooddoeners in uitspraken: ‘Als het eerste jaar maar voorbij is’. Alsof het tweede jaar minder zwaar zou zijn. Neem Kerst, Oud & Nieuw of een verjaardag, juist het tweede jaar blijkt dan zoveel zwaarder dan het eerste. Bij een ‘nieuw’ verlies staat immers iedereen stil en is er volop aandacht en begrip. In het tweede jaar kan de pijn van het – voor de omgeving inmiddels – ‘oude’ gemis, echter zoveel meer voelbaar zijn. De meeste mensen vinden dat – als alle seizoenen er overheen zijn gegaan – het wel een keertje klaar moet zijn. Komt het verdriet op onverwachte momenten naar boven -soms zelfs vele jaren later- dan kun je vaak niet meer rekenen op meeleven.

 

 

Geschreven regels

Ook het begrip ‘niet-erkend verdriet’ benadrukt dat er in onze samenleving zelfs geschreven regels bestaan die nauwgezet aangeven wie, wanneer, waar, hoe, hoelang & voor wie we mogen rouwen. We vinden deze regels terug in de arbeidsvoorwaarden. Zo krijgt een personeelslid vijf dagen verlof bij het overlijden van de partner en drie dagen bij het verlies van zijn of haar kind, vader, moeder, broer of zus. Deze regels weerspiegelen dat onze samenleving bepaalt wie wettig recht krijgt om te rouwen en hoelang. Deze ‘rouwregels’ zijn volledig gericht op familierelaties en alleen deze relaties genieten sociale erkenning.

 

Val je buiten deze regels? Dan heb je als het ware geen recht op verdriet. Bijvoorbeeld bij het verlies van een ‘niet erkende relatie’ zoals een ex-man of minnares. Ook verliezen als abortus of adoptie beschouwen we als ‘maatschappelijk niet betekenisvol’. Het verdriet rondom het afstaan van een kind of beëindigen van een zwangerschap wordt hiermee vaak zwaar onderschat. Een miskraam of sterfte van een kind bij geboorte is in de ogen van onze maatschappij vaak een ‘minder ingrijpend verlies’, omdat de ouders het kind nauwelijks hebben gekend. Verliezen we ons volwassen kind?  Dan staat zijn of haar gezin centraal als rechthebbende op verdriet. Toen een moeder de opmerking maakte dat het in de uitvaartviering van haar zoon uitsluitend over zijn vrouw en kinderen ging, kreeg ze te horen dat hij toch niet meer thuis woonde. Alsof hij dan niet meer haar zoon zou zijn.

 

Vanuit mijn eigen verlieservaring heb ik geleerd dat ieder op zijn eigen manier rouwt. In zwaarte en in lengte. Ook ik heb helaas oordelen ervaren. Er is geen goed of slecht in een rouwproces. Iedereen heeft het recht om te rouwen op zijn of haar eigen manier. Zonder oordeel. Zonder weegschaal of meetlint. Rouwen heeft vele gezichten, het meest waardevolle wat we elkaar kunnen geven is ruimte.

Wat zijn uw ervaringen met rouwen ? U mag ze met ons delen in een reactie.

 


Vivian Heijckers | Voor Nieskens Uitvaartzorg
Bron | Henriette Nieskens

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.